Ik gaf geen antwoord. Ik gaf hem gewoon een glas cognac – de cognac van mijn grootvader, uit de laatste fles die ik bewaard had.
En ‘s avonds, toen iedereen weg was, ging ik naar de bijenkorven. De zon zakte achter de heuvel, de bijen keerden terug en de lucht rook naar honing en warme aarde.
‘Opa,’ zei ik zachtjes, ‘het gaat goed met de bijen. Het gaat ook goed met oma. En met mij gaat het ook goed.’
Ergens achter de bijenkorven schudde de wind de takken van de oude perenboom die opa Stoyan had geplant toen mijn vader geboren werd. Het klonk als gelach. 😊